De dwangzorg van de ‘jeugdzorg’ kent gevolgen:

 

 Gezinsvoogden leiden jongeren niet op voor de tijd na hun 18de:

 

Op het Wijkteamcongres d.d. 6 oktober 2016 te Utrecht heeft o.a. Mw. Nadja Jungmann als wetenschapper gesproken, met een PPS-presentatie* die duidelijk maakt hoe wijkteams kundigheid moeten krijgen en gebruiken om stress door armoede op te lossen. (2de PPS in pdf van http://www.gemeentenucongressen.nl/public/2016/wijkteams/presentaties/presentaties/ppt_stuurmandag_van_het_wijkteam_2016.pdf ).

 

Op https://www.youtube.com/watch?v=8WQ4z55vSNU , of evt. op http://www.npo.nl/kassa/08-10-2016/VARA_101380490 na 23:05 minuten, het resultaat (ofwel het gevolg) van door (gezins)voogdij/G.I. (voorheen BJZ) ‘opgeleide’ jongeren die zònder ‘voorbereiding’ 18 zijn geworden en daardoor onwetend in schulden terecht komen waarvoor de voor hen onvindbare SchuldHulpVerlening niet toegankelijk blijkt wegens ‘regeltjes’.

Kijk nu even!

 

Mw. Nadja Jungmann, lector Schulden & Incasso Hogeschool Utrecht, sprak over deze nood rond de SHV, waaronder de stress door de armoede en daarop de schulden die door incasso’s groeien; dit komt bij deze jeugdzorg-jongeren door het gebrek aan begeleiding. Ze moeten toch minimaal kennis voor een VEILIGE overgang naar 18+-er verkrijgen?! Ook gezinnen met armoedeproblematiek worden niet met enige steun geholpen, waardoor de ‘jeugdzorg’ meent kinderen uithuis te moeten plaatsen, alsof dat ‘veilig’ zou zijn voor hun ontwikkeling.

 

De 'jeugdzorg' krijgt bij politici en beleidsmakers nog steeds niet de oorzakelijke schuld van deze stress met annex een verhoogd Cortisol-gehalte dat invloed heeft op de psyche, zodat de vicieuze cirkelgang  doorgaat en doorgaat ={uithuisplaatsing >> begeleiding onder inspanningsverzuim >> 18 jaar worden >> schulden door onwetendheid en hoofd boven water houden zonder ouders of voogd >> stress (http://jeugdbescherming.jimdo.com/tips-en-andere-brieven/cortisol-in-pleegzorg-te-hoog/) >>  cortisol hoog >> psychische druk >> te depressief voor kennis-opname als je die al vind want de gemeente helpt niet meer aan 'maatwerk' dat geen maatwerk bleek >> schulden met incassokosten stapelen zich op zonder hulp >> daardoor geen recht op studie(financiering) >> stressiger g hoger cortisolgehalte >> nog meer schade aan fysiologie en psyche >> enz.}. 

 

Stress zorgt voor het psychisch niet kunnen nakomen van de aan de opgegroeide gestelde ambtelijke eisen.

 

Niet de 'jeugdzorg' op te laag kennisniveau krijgt de schuld, doch de onvoorbereide jeugdigen die geen kennis daarvoor kregen van de (gezins)voogdij. Of zelfs de ouders die al lang buiten beeld zijn. Uithuisgeplaatst-zijn blijkt dus geen opvoeding of therapie. Hoor de uitleg van lector Nadja Jungmann op de https://youtu.be/8WQ4z55vSNU .

 

De (gezins)voogdij is erg rigide qua verantwoordelijkheid nemen die naar BW1:336 wel past bij de voogdij,** gekoppeld aan BW1:247, de plicht aan zorg naar het 'kind' dat eens 18 wordt.

Zie in de uitzending van Kassa 8-10-2016 in de YouTube hoe staatssecretaris Klijnsma ook de toeleiding tot 18 jaar onder verantwoordelijkheid van de (gezins)voogdij van eens BJZ, nu de G.I., ingekocht door de gemeenten, vergeet en stut- en plakwerk verzint voor die jeugdigen die tussen de bezuinigende ambtenaren de weg vinden tot het te kleine bedragje dat Klijnsma ter beschikking stelt.

Wanneer we zien hoe oververtegenwoordigd de jeugdzorg-jongeren zijn in deze groepen, dan moet er ergens een lichtje gaan branden bij de politici en beleidsambtenaren (Figuur 1.1):

Stel 3.500.000 kinderen in Nederland die eens instromen naar volwassenheid en 18+ worden...
140.000 uithuisgeplaatste kinderen zònder verantwoorde (gezins)voogdij onder de G.I. (Onder deze G.I. vallen ook de landelijke SGJ, WSG of WSJ, en het Leger des Heils [LdH] als 'jeugdbeschermende' [gezins]voogdij-instellingen)....
De laatste groep jongeren vertegenwoordigt slechts 0,04% van alle opgroeienden. 

En toch vertegenwoordigen deze 0,04% een opmerkelijke of bewonderenswaardig verontrustende 80% van alle WAjongers
38% van de Bijstandtrekkers; 
en 90% van de AWBZ, zorg- & MO-kosten. 


Slapen de beleidsmakende politici echt niet? 

 

Neen, de politici waren wakker toen ze naar de jeugdzorglobby luisterden die hen influisterden dat alle problematiek veroorzaakt was ‘door de ouders’, en vooral niet door de stress van het uithuisplaatsen, zonder naar een diagnostisch optimaal hulptraject te laten zoeken door open onderzoekende specialisten, zoals prof. R.J. van der Gaag reeds adviseerde:
http://jeugdbescherming.jimdo.com/kwaliteit/diagnostiek-nodig-als-nulmeting/, met het negeren van wat uithuisplaatsen en vreemde pleegsettingen (met vaak overplaatsingen) met de ontvankelijke opgroeienden doet: http://jeugdbescherming.jimdo.com/kwaliteit/wertenschap-kind-oudercontact-schaden-is-schadelijk/ .

 


De politici zijn geadviseerd (keer op keer; o.a. http://jeugdbescherming.jimdo.com/kwaliteit/open-brief-aan-tweede-kamerleden/) door onafhankelijke wetenschappers, doch dat zien we niet terug in de implementatie naar de jeugdwet e.d.. Wel zien we de wil terug van de jeugdzorglobby waartegen zoveel wetenschappelijk onderbouwde ophef bestaat is zeer herkenbaar, met machtstoedeling aan de 'jeugdzorgwerker'./G.I..
De roep om degelijk meten met 'diagnostische waarheidsvinding' wordt weggeblazen door de jeugdzorglobby, en de jeugdrechters trappen er slapend in.

 


Kinderen kennen een zich ontwikkelende psyche, met een zelfbeeld dat zich thuis het beste ontwikkelt (http://jeugdbescherming.jimdo.com/kwaliteit/wat-wetenschap-uhp-missen-van-ouders/).
PAS, oudervervreemdingssyndroom wordt weggehoond door de jeugdzorgwerkers, alsof de onderdelen van dit syndroom niet zouden beschreven zijn in de medische handboeken DSM IV en V, waaronder loyaliteitsconflict, depressie (ook door verhoogd cortisolgehalte in bloed), minderwaardigheidscomplex, ingebeeld schuldgevoel aan situatie, ouder-verlatenheid dat onthechtend werkt, enz.. Of ze beweren dat PAS alleen bij vechtscheidingen ‘wel eens’ kan voorkomen om het uithuisplaatsen als 'veilig' voor te stellen, terwijl dat wetenschappelijk bewezen zeker niet zo is.
De 'jeugdzorg' kan zelfs beweren dat ouderverstoting, een oud woord voor oudervervreemding, door de jongere komt en niet wegens hun situatie door de gezinsvoogdij opgelegd. Zo wereldvreemd deskundig weten de jeugdzorgwerkers zich te ontdoen van hun verantwoordelijkheid, terwijl ze, zichzelf ontlastend, hadden mogen doorverwijzen naar de aangeraden diagnostieke trajecten om een optimaler hulptraject door de echte specialist te laten vaststellen met steun en enthousiasmerende voorlichting aan de ouders waar het beter is voor het kind dan in vervreemding. De onderdelen uit het PAS-syndroom zijn o.a. loyaliteitsconflict, minderwaardigheidscomplex, depressie, dus vormen die in DSM IV voorkomen, maar de 'jeugdzorg' wenst dit syndroom niet te erkennen, omdat ze eigenlijk wel weten dat zij er zelf boventallig debet aan zijn!

 

Wetenschap wordt genegeerd;  

   

 slapende verantwoordelijken:


Prof. Carlo Schuengel heeft op de Jeugdzorgacademie (http://jeugdbescherming.jimdo.com/tips-en-andere-brieven/bejegenen-en-vertrouwen/) ook reeds gewezen op de contraproductieve invloed van het (dwingende) bejegeningsniveau van de (gezins)voogdij, waarover het AKJ, dat zeker niet alle klachten langs krijgt, al 10.000 klachten in een half jaar tijd heeft geregistreerd in 2016.

Het uithuisgeplaatst-zijn bleek uit meerdere wetenschappelijke onderzoeken niet de meest optimale hulptrajecten te zijn voor kinderen.

En de politici zien slapend dit mentaal niet op een rijtje.
En de Inspectie kijkt in hun onderzoek niet orthopedagogisch naar welke invloed de jeugdzorg-beslissingen (via de rechter) hebben op de ontvankelijke opgroeienden.
En de klachtencommissies hebben geen doorslaggevende invloed als ze al het orthopedagogische aspect weten te onderkennen, want de besturen mogen daarop negeren.
En de rechters realiseren zich niet dat zij aan deze stresscirkel meewerken door niet-diagnostisch niet-open te laten wegen. (Open onderzoeksvragen, ook van ouders, zijn hard nodig op valide te onderzoeken op medisch en orthopedagogisch niveau, wat anders is dan de afvink-onderzoekslijstjes van de lage jeugdzorgwerkers: http://kinderbescherming.jimdo.com/informatie/onderzoeksvragen-open/).

Zo blijft het kind in de vermeende knel in gevaar ònder OTS en erger.

 

De sfeer voor het kind wordt verpest, door niet de 'bedreiging' (uit BW1:255) weg te nemen doch het kind uit het gezin.

 

Er zijn alternatieven. Echte deskundigen van academischer niveau kunnen ouders in vrijwilligheid enthousiasmeren ‘liefde te tonen op een modern niveau’, wetende dat je ook als volwassenen blijft ontwikkelen. Leerzaamheid die de ‘jeugdzorg’ de ouders ontzegt naar de rechter. Afgaan op hoe de eigen oude ouders de huidige ouders opvoedden is niet voldoende in de snelle, moderne wereld, met wetenschappelijke optimalere inzichten.

Helaas dienen ouders juridisch te gaan denken om kans te maken tegen de dwangzorgbeweringen.

*   Veelverdieners verhouden zich tot de rest:

  Er zijn veel huishoudens met onvermijdbare schulden:

  Met gevolg:

20% van de huishoudens kennen meer uitgaven dan de inkomsten, veelal door de enorme vaste lasten van zorgverzekeringen, huur, telefoonabonnement, indirecte belastingen en heffingen, energie, reiskosten, etc.; naast voedsel van de voedselbank.

25% van de huishoudens komt net krap rond.

 

**: BW1: Artikel 336:       (voogd conta gezinsvoogd)

 

Artikel 336

            De voogd draagt zorg, dat de minderjarige overeenkomstig diens vermogen wordt verzorgd en

      opgevoed. Zie daarbij BW1:247 :

 ·         1. Het ouderlijk gezag omvat de plicht en het recht van de ouder zijn minderjarig kind te verzorgen en op te voeden.

 ·         2. Onder verzorging en opvoeding worden mede verstaan de zorg en de verantwoordelijkheid voor het geestelijk en lichamelijk welzijn en de veiligheid van het kind alsmede het bevorderen van de ontwikkeling van zijn persoonlijkheid. In de verzorging en opvoeding van het kind passen de ouders (c.q. voogd) geen geestelijk of lichamelijk geweld of enige andere vernederende behandeling toe.

 ·         3. Het ouderlijk gezag omvat mede de verplichting van de ouder om de ontwikkeling van de banden van zijn kind met de andere ouder te bevorderen {Dit reeds conform BW1:262 lid 3} . .... Etc..

 

Artikel 336a

 ·         1. Indien de minderjarige door een ander of anderen dan zijn voogd, als behorende tot het gezin met instemming van de voogd ten minste een jaar is verzorgd en opgevoed geworden, kan de voogd niet dan met toestemming van degenen die de verzorging en opvoeding op zich hebben genomen, wijziging in het verblijf van de minderjarige brengen.

 ·         2. Voor zover de volgens het vorige lid vereiste toestemmingen niet worden verkregen, kunnen zij op verzoek van de voogd door die van de rechtbank worden vervangen. Dit verzoek wordt slechts ingewilligd indien de rechtbank dit in het belang van de minderjarige noodzakelijk oordeelt.

 ·         3. In geval van afwijzing van het verzoek is de beschikking van kracht gedurende een door de rechtbank te bepalen termijn, welke de duur van zes maanden niet te boven mag gaan. Is echter voor het einde van deze termijn een verzoek tot ondertoezichtstelling van het kind, tot beëindiging van de voogdij, dan wel een verzoek als bedoeld in artikel 299a, van dit boek aanhangig gemaakt, dan blijft de beschikking gelden, totdat op het verzoek bij gewijsde is beslist.

 ·         4. In geval van gezamenlijke uitoefening van de voogdij, wordt de in het eerste lid bedoelde instemming door beide voogden gegeven.

 

Artikel 337 in BW1 § 10. Het bewind van de voogd

 ·         1. De voogd vertegenwoordigt de minderjarige in burgerlijke handelingen.

 ·         2. De voogd moet het bewind over het vermogen van de minderjarige als een goed voogd voeren. Bij slecht bewind is hij voor de daardoor veroorzaakte schade aansprakelijk.

 ·         3. Indien goederen die de minderjarige geschonken of vermaakt zijn, onder bewind zijn gesteld, is de voogd bevoegd van de bewindvoerder rekening en verantwoording te vorderen. Vervalt dit bewind, dan komen de goederen onder het bewind van de voogd.

 

Daarbij verschilt dit van de taak van de 'gezinsvoogd' ofwel SAVE-werker of gezinscoach ofwel jeugdbeschermer (er zijn veel misleidende functienamen voor het zelfde naar wet):

 

BW1:262 lid 1 en 3:

lid 1. De Gecertificeerde Instelling (jeugdbescherming met gezinsvoogden) houdt toezicht op de minderjarige en zorgt dat aan de minderjarige en de met het gezag belaste ouder(s)  hulp en steun worden geboden opdat de concrete bedreigingen {waar ouders echt doorvragend om moeten vragen} in de ontwikkeling van de minderjarige, bedoeld in artikel 255, vijfde lid, binnen de {betamelijke} duur van de ondertoezichtstelling worden weggenomen. De inspanningen van de gecertificeerde instelling zijn erop gericht de ouder(s)  zoveel mogelijk de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding van hun kinderen te laten dragen.

lid 3. De gecertificeerde instelling (met gezinsvoogden) bevordert de gezinsband tussen de met het gezag belaste ouder(s) en de minderjarige, het 'kind'.