*:

 

 

Alarmerende kop: ‘Crisisopvang voor jeugd puilt uit’.

 

 

Het is 2015,  2016, 2017 ....

 

Het is opmerkelijk dat de politiek heeft gekozen voor de schijnbaar goedkope ingang voor zorg aan jeugd door middel van Jeugdhulp met jeugdzorgwerkers die niet als diagnostisch specialisten (zoals artsen of orthopedagogen) zijn opgeleid.

 

Ondanks dat de gemeenten en de politiek diverse wetenschappelijke adviezen van buiten de jeugdzorglobby hebben ontvangen. Zoals deze brief op http://jeugdbescherming.jimdo.com/ aan alle gemeenten.

 

Er werd bezuinigd op deze ‘jeugdzorg’ met vele namen. Kinderen en gezinnen zagen te weinig echte specialisten. Passende therapie werd niet verstrekt. En in het eerste jaar na de transitie bleken de gemeenten geld over te houden.

 

Daarentegen kwamen vele deskundigen om in alle administratie omdat elke gemeente eigen aparte contracten, formulieren en codes wenst. En onmedische eisen stelt aan medici, alsof de gemeente een arts is.

 

De kosten voor deze deskundigen vanwege de bureaucratie liepen zo hoog op dat meerderen failliet gingen of zich niet meer op de jeugd richten.

Zo valt veel expertise weg. Weg de deskundigheid voor de jeugd.

 

Gezinnen werden aan het lijntje gehouden of moesten eerst maar een algemene therapie doen die niet paste bij de diagnose.

 

Kinderen met hoge nood op een passende plaatsing op een passend hulpverleningstraject werden in een wachtrij gezet.

En nu is men verwonderd…..

 

In publicaties in dagbladen wordt alarmerend geschreven over de vele crisisplaatsingen in de ‘jeugdzorg’.

 

Hoogleraar Robert Vermeiren, gespecialiseerd in kinder- en jeugdpsychiatrie, en directeur patiëntenzorg van Curium LUMC, noemt de situatie in de huidige ‘jeugdzorg’ nijpend:

“We krijgen heel vaak telefoontjes van instellingen uit andere delen van het land die jongeren willen wegplaatsen, maar zelf geen plek hebben.”

 

Dit bericht* is erger dan men denkt.

 

Deze opgroeienden in nood worden wel ergens ver weg weggezet, maar niet in een passende therapeutische setting. Het zijn dus voor ruim 70% noodvoorzieningen die niet therapeutisch werken.

 

Daar wachten deze jongeren nog steeds op, omdat alles overvol zit, en er deskundigen niet meer werken voor deze jeugd.

 

Hoe leuk is deze politieke bureaucratie voor de psyche van kind en gezinsleden?

 

In feite niet.

Het is schadelijk. 

Medicus prof.dr. Ursula Gresser heeft dit jaar bewezen dat weggezette kinderen ziek worden. Dat staat op http://jeugdbescherming.jimdo.com/kwaliteit/wertenschap-kind-oudercontact-schaden-is-schadelijk/ .

 

Dat was al langer bekend: http://jeugdbescherming.jimdo.com/tips-en-andere-brieven/cortisol-in-pleegzorg-te-hoog/ .

 

En waar dan maar OTS wordt gebruikt, zijn veel gezinsvoogden niet geneigd om ‘het kind in de knel’ alsnog juist en open te laten diagnosticeren. Deze jeugdzorgwerkers met een diploma sociaal werk of SPH (op het vage alfa-niveau) zijn niet diagnostisch bevoegd, maar gebruiken hun macht, hun naam als ‘professional’, om de niet-medische rechters met suggesties te overtuigen de dwangzorg voort te zetten. Dit door de interne wetenschap van de ‘jeugdzorg’: http://jeugdbescherming.jimdo.com/kwaliteit/beleid/ .

 

Het is voor ouders raadzaam om zich voor enige contact met dit niveau aan zorg voor het kind te oriënteren wat voor gevaar dit niveau inhoudt tegenover het nog toegankelijke niveau van echte medici via een verwijzing van de huisarts naar een jeugdpsychiater, jeugdarts, of orthopedagoog-generalist.

 

Ook kunnen ouders die deze politiek doorzien de politici beïnvloeden met op deze sites verstrekte artikelen over wetenschap en gevolg.

 

http://jeugdbescherming.jimdo.com/kwaliteit/open-brief-aan-tweede-kamerleden/ is een voorbeeld. Het kan ook bij plaatselijke politiek.

 

Waar de nodige medische kennis in decentralisatie verwatert, ondergesneeuwd raakt in de bureaucratie, gemeentelijke codes en vermeende-fraude-onderzoeken, en verdwijnt, zal een herstel van het medische niveau een decennium aan hoogwaardige medische opleiding vergen.

 

Er zijn nu al wachtlijsten die er voor zorgen dat kinderen niet acuut op de juiste therapeutische plaats terecht komen!

 

De noodklok wordt in de verte reeds gehoord.

 

 

Zo is dit bericht anno 2016 tekenend:

http://m.binnenlandsbestuur.nl/nieuws/gemeenten-voor-ruim-1-miljoen-in-het-krijt-bij.107035.lynkx#.V5uUTUOYuHc.linkedin        : 

Gemeenten voor ruim 1 miljoen in het krijt bij jeugdhulpverlener -

 Onwil is het niet, weet bestuurder Gerco Schep van Jeugdhulpverlener Oosterpoort uit Oss. Maar door de administratieve chaos in de jeugdhulpverlening wacht hij nog op meer dan 1 miljoen euro, van 31 verschillende gemeenten. ‘'Sommige facturen dateren van maart 2015 en gaan over zorg die we in 2014 geleverd hebben.'’

 

Wirwar -

 Het is niet voor het eerst dat de transitie jeugdzorg wordt beschreven als chaotisch. Maar de problemen waar Schep en zijn organisatie tegenaan lopen, geven wel heel duidelijk aan hoe de decentralisatie kan leiden tot een wirwar van regels, codes en controlesystemen waar niet meer uit te komen is en waar in ieder geval geen kind beter van wordt.

 

Iedere maand geld -

 Oosterpoort levert jeugdhulp voor zo’n 4000 kinderen per jaar. Veel ambulant, bij gezinnen thuis, maar ook residentieel met gezinshuizen, pleegzorg en trajecthuizen. Een deel van die hulp wordt geleverd bij gemeenten in de regio. Er zijn contracten met de gemeenten uit drie jeugdzorgregio’s. De zorg wordt grotendeels vooruit betaald. ‘'Dat is prettig'’, aldus Schep.  ’'Je hebt een contract met de gemeente om een bepaald aantal jongeren op te vangen en krijgt daar iedere maand geld voor. Achteraf wordt het verrekend.’'

 

Eigen portals, codes en systemen -

 So far, so good. Maar Oosterpoort vangt ook jongeren op die niet uit een gemeente komen waar een contract mee is. En daar ontstaan de problemen. Schep: ‘'Wij krijgen dan een verzoek voor de opvang van een kind. We leveren zorg en sturen daar een factuur voor. En we gaan ervan uit dat die betaald wordt.'’ Maar daar gaat het mis. Gemeenten hebben allemaal een ander systeem van factureren. Met eigen portals, eigen codes en eigen verantwoordingseisen. ‘'En die wijzigen ook nog eens zeer regelmatig’', weet Schep. ‘'Dus dan denk je het eindelijk goed gedaan te hebben en dan is er één veldje van de honderd niet goed ingevuld en blijft de factuur open staan.’'

 

Deurwaarder -

 Ondanks dat Schep denkt dat er geen sprake is van onwil, weet hij ook van een gemeente die pas over de brug kwam toen de deurwaarder al ingeschakeld was. Het effect van het openstaan van ruim 1 miljoen euro is natuurlijk dat organisaties in liquiditeitsproblemen komen.

'‘Wij staan inmiddels als sector bij de banken getypeerd als onbetrouwbaar’', weet Schep. ‘'En dat komt door het korte-termijnbeleid, de willekeur in contracten en administratieve processen en feitelijk betalingsgedrag bij en van gemeenten als gevolg van ongestuurde transitie vanuit de landelijke overheid. Want de gemeenten hebben het ook maar over zich uitgestort gekregen van het rijk.’'

 

Wethouders schrikken -

 Daarom is hij nu in de telefoon geklommen en heeft hij een lijst met 31 wethouders die hij persoonlijk belt. ‘'Die schrikken als ze horen hoe hun eigen organisatie administratief functioneert. Het is dus geen bewust beleid, maar het is gewoon een chaos.'’

De oplossing is in zijn ogen relatief simpel: standaarden. ‘'De VNG heeft standaarden opgesteld die gemeenten naast zich neerleggen. Ze gaan allemaal opnieuw het wiel uitvinden en dat werkt niet. Volgens mij los je 80% van de problemen op als er standaarden komen waar gemeenten zich aan houden.’'

 

_  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _  _

 

Diagnostiek aan de wijde toegangspoort? Beter!

 

Het kan worden opgelost zoals in de brief aan alle gemeenten was vermeld.

 

Echte oplossing is het terugbrengen van diagnostiek en therapie naar centrale, niet-verwaterende doelgroepingangen  met echte medici. 

 

Naar de woorden van prof.dr. R.J. van der Gaag:   zwaargewichten.

Echte deskundigen die kunnen diagnosticeren en een meest optimaal hulptraject in samenspraak met de ouders bepalen of indien niet nodig de ouders toch wat tips geven.

Dat werkt vaak al goed, bleek uit het TGV-onderzoek begin jaren '90.

Dàt voldoet aan het kinderrecht IVRK 24 lid 1: lid 1. De Staten die partij zijn, erkennen het recht van het kind op het genot van de grootst mogelijke mate van gezondheid en op [daarbij passende] voorzieningen voor geneeskundige verzorging en revalidatie. De Staten die partij zijn, streven ernaar te waarborgen dat geen enkel kind zijn recht op toegang tot deze voorzieningen voor gezondheidszorg [waaronder orthopedagogie en jeugd-psychiatrie] wordt onthouden.